Grijssteen, grote kikkerbek langgerekt, raar he!

IMG_0444

 

 

Terwijl het buiten regent, als of we in de tropen zitten en de foto, doet veronderstellen dat ik voorop loop? dan is dit gezicht bedrog, ik maak deze foto, waar we binnenstappen in het verhaal hier voor, hier stappen we in het jaar eind 1951, pril 1952, zo als het beeld weer geeft 66 jaar geleden en zo ziet het er dan ook uit, oud en als of de goden dit stuk grond verdoemd hebben, buiten enkele zwervers die deze huisjes als onderkomen benutten voor onbeperkte tijd, want lang blijven ze niet, het huizenmonster, geest, verjaagt eenieder, bij onze komst, hoorde we op gewonden geluiden, die leken uit de huisjes te komen, de verwelkoming van een verloren zoon? Of is het in mijn gedachte, is mijn gedachte te veel op hol geslagen? ja! Maar! het had zo kunnen wezen, nee, ondanks dat de zon scheen, zag het er troosteloos uit en was dan ook blij dat ik het de rug toe kon keren, wel wetend dat ik met deze foto’s, mijn aangehuwde neef blij maakte, mij bezorgde het een rilling, het was ook een soort derde rang voorstelling, die al helemaal niet paste in mijn beeld, zeker niet na al die huizen, uit het verleden die ik daar voor, bezocht had, het leek wel of ik uit een kolenkelder kwam, dit doordat de huizen uit zwarte vuursteen gemetseld waren, ten minste het onderste gedeelte en zo heb ik daar slechts kort, opgesloten gezeten, want vermoedelijk zou ik willen ontsnappen, gaf me eens ongelijk? zo als ik mijn hele leven, eigenlijk aan het ontsnappen ben, aan de werkelijkheid? over welke werkelijkheid hebben we het eigenlijk? over welke werkelijkheid hebben mensen, Instanties, het? Zelfs een ui zou nog moeten janken, uit zich zelf en niet omdat hij of zij gesneden werd!

Ik moest vroeger janken omdat ik of een klap in mijn smoel kreeg of een schop onder de kont of gewoon de trap af gestampt werd, misschien dat ze daarom het woord gestampte muisjes uit gevonden hebben? en als dat niet meer hielp, hup in de kast, sleutel omdraaien, geen gezijk en hoe ziet zo’n, kast er nu uit vanbinnen uit? Eigenlijk niets bijzonders, als je ogen gewent zijn aan het donker, zie je een spleet waar licht door komt, die je weer even verblind, maar dan? kun je, alle hoeken zien en dat zijn er vier, als je tenminste die twee hoeken mee telt, waar de deur tussen hangt, als je klein bent stoot je je hooft niet, vermoed dan ook dat ze expres, een plank of twee, weggehaald hebben voor me, zodat ik me geen pijn deed, de schat van een monster! En als je dan uit die kast komt? kun je weer die ogen dicht knijpen door het vellen licht, van de dag of brandende lamp, want ze vertelde je nooit van te voren welk uur van de dag je aan de beurt was, in die kast gestampt te worden en als ik aan mijn hoofd voel, dan heb ik ook meer het idee, een boksbal te aaien, te betasten en als ik krab, dan blijven mijn nagels, die ik haast niet heb, hangen, steken, op oud letsel, zo als mijn hele leven blijft steken op oud letsel, waarvan iedereen me altijd zegt, dat moet je vergeten, laat dat achter je, het viel wel mee, ja het viel wel? en mee? Ja, nu valt het mee, ik kijk er met andere ogen naar, ik kan het nu ook verwerken en kijk naar mijn kinderen en klein kinderen, ik kan ze niet behoeden voor pijn, maar gelukkig wel behoeden voor die trappen, kasten, stompen en die gedompte schreeuw achter een ruit!

Ooit was het daar, netvlies

IMG_0464

 

 

Of ik nu wakker word of slaap, of het vandaag is, of gisteren, dagen of jaren, kwart of halve eeuw, misschien, zeker langer geleden, zag ik je! voor het laatst, de ruiten verstikte mijn gegil, terwijl je weg liep, niet meer omkeek, naar wat je moest verlaten, zo als alles wat je had, hebt moeten verlaten in je, hele leven, alleen die hoek van waar uit ik je zag, was anders, veel lager, ook veel verder, kon ik je loop volgen, waarna je oploste in de Lembangweg, links of rechts? ik weet het niet meer, wat ik wel weet! je liet me achter, bij een monster, een monster die jou ook zo benoemde en zo werd ik opgesloten, verbannen en voor eeuwig, de mond gesnoerd, tot woorden een uitweg, zochten, tot alles in me over prikkeldraad, betonnen muren, al rennend over straat, grasvelden en wegen, snelwegen, gevangenismuren, ziekenhuizen, korte gekkenhuizen, ziekenboegen, verpleeghuizen, gokhuizen, drughuizen, kinderhuizen, opvanghuizen, flatgebouwen, beangstigend hoog, naar beneden kijkend en toch maar niet gedachten of van de ring in het gevang, waar al netten waren gespannen, voor als? toch!

En zo verdween je langzaam en als het aan mij lag, zou ik de projector nog lager willen laten lopen, tot op het moment dat ik je voor het eerst op merkte, na dat je de deur dicht deed en ik naar het raam rende, in paniek, toen je  me net even daarvoor vertelde tegen je grote jongen, dat het tijd was voor je, om te gaan en dat ik goed mijn best moest doen en je niet mocht vergeten, een gesprek wat alleen volwassenen met hun kinderen kunnen voeren, in een beroerde situatie, keuze, want hoe anders kun je slecht nieuws aan je kind duidelijk maken? En zo stond ik achter dat raam, alles proberen te begrijpen van wat je me had vertelde, probeerde ik er gehakt van te maken, misschien wel brood, zodat mijn hongerbuik iets naar binnen kreeg, liefde was er ook al niet meer, nadat je weg was, daar om die hoek, in dat god vergeten land, aan de andere kant, van de wereld, waar ik bovenal moest vluchten, met mijn vader en zus en misschien wel met dat monster? er bij, was dat vliegtuig maar neergestort! zo als al die andere van dat Type daar voor en daarna? Dan voor ik op aarde uitelkaar spetterde, omringt van bloedspetters, keurig verspreid, rond om mijn lijk, zo gedrapeerd als een tapijt die een lief kinderlijkje verdiend, in zo’n, dramatische gedachte, uitweg bedekende hersenpan, die door alles, dat beeld, niet van zijn oog gewist kan krijgen, door mijn bezoek heb ik, dat beeld kunnen plaatsen, een plaats kunnen geven in zijn geschiedenis en we weten dit was eind 1951, misschien pril 1952!

Korrelnoot, Bengaalse tijger

Bogor met Bayu

 

 

En zo sta je hoofdeloost op de luchthaven Schiphol, had je vroeger alle telefoon  nummers nog in je hoofd, omdat ze minder lang waren, als tegenwoordig, mijn hersenen zijn verhuist in een klein rechthoekig ding, wat heet een telefoon, waar ik foto’s in heb op geslagen, waar alle nummer in zitten, waar je zoveel mee kunt doen, zo dat een oudere, daar nog maar weinig van snapt en zijn gebruik beperkt tot het hoogst nodige en zo stond ik daar, beroofd van alle gegevens, geen geld, niet meer als 108 Euro en wat losse centen, dit door het omwisselen van buitenlands geld bij het wisselkantoor als daar, gekleed in Batik hemt met korte mouwen, verdomme wat was het koud, net als in het jaar 1952 toen ik minder lux werd ontvangen, voor omstanders moest het een raar gezicht wezen, caddie en man, naar binnen, naar buiten, door die draai deur en terug, steeds in de hoop dat de shuttlebus, zou komen, dat duurde zeker een half uur en wat is een half uur dan lang en zeker in die kou, 3 graden boven nul, 24 graden lager als waar ik vandaan kwam, laten we het maar niet over de kilometers hebben, mijn hoofd tolt als het waren, zoekt naar oplossingen, te vergeefs lijkt het, toch een innerlijke stem zegt, rustig aan! komt tiet komt raad of was het anders om? En zo kwam die raad en de radeloosheid, het wantrouwen in Hotel kwibus, want mijn bankpas is weg, dan kom je op de zwarte lijst van wantrouwen, dan word je argwanend bekeken, dan is men gelijk minder vriendelijk, ook al vinden ze het verlies heel sneu? zo zeggen ze! Ik kwam net bijna de hele wereld rond gereisd, aan! kreeg kamer 2164 A voor kenners zegt dit genoeg? als of je de landingsbaan en aankomsthal van Schiphol, Singapore en Bandung nog even overnieuw loopt, mijn poten waren zo ver opgezwollen, dat mijn enkels over de randen van mijn schoenen uitpuilde, elke stap verder het bloed een uitweg zou gaan zoeken, gelukkig had ik die strak getrokken sokken, nog aan, die de op barsten staande voeten en benen, nog net bij elkaar hield, die tanden en kiezen op elkaar gebeten, slepend achter die caddie, de kamer vond! Verbinding vroeg aan de receptie, voor een vrije lijn, nee! dit kon alleen maar als ik naar de receptie kwam? Wel godverdomme nog aan toe, begrepen ze dan  niet wat voor een Leidens weg ik doorstaan had? en bij elke vraag het zelfde liedje en de zelfde oneindige afstand overbruggen, tot dat ik van ellende op het punt stond? verbinding te maken met de buiten wereld, ik had mijn telefoonboekje gevonden, dat ouderwetse ruggensteun en eindelijk kon bellen, een wonder, aan de andere kant van de lijn begrip! Iets wat ik in het Hotel Kwibus verwacht had, zo als ik de dief of eerlijke vinder, verwacht had dat die mijn telefoon en bankpas aan de balie van de vlucht haven Singapore, zou afgeven, zo zou je verwachten dat een hotel of wie dan ook, je hielp en niet een vriend, die je dank aan, ouderwets telefoonboekje belde , je voelt je een schooier, bedelaar en tot overmaat van ramp! Pasen, dus alles was voor drie dagen gesloten, waar was die viering van menselijkheid? terwijl de paashaas zijn reet en oren werd afgevreten, het kuiken in aankomst, gaar gekookt werd en uitgescheten? Zo uit gescheten voelde ik me toen, ben blij dat ik Hotel Kwibus, heb verlaten en hoop er ook nooit meer te komen.

Het enige positieve van het verhaal? mijn vrienden kwamen langs en brachten me geld, zodat ik de reis voort kon zetten en dit verhaal nu kan schrijven en  natuurlijk kan niemand er iets aan doen?

waarom? die angst

Je eigenbeeld, is in de spiegel ongeveer gelijk, natuurlijk van waar uit je kijkt, via een glas met water, waar de koude druppels van afdruipen, van de condens, zullen ze zeker je eigenbeeld vervagen, mijn eigenbeeld op dat paspoort beloofde niet veel goeds, een gezicht van ondervoeding, angst en beven, die indringendeblik, van wat gaat er nu met me gebeuren, nee daar kon ik me niet in vinden, ik had net een nieuw gezin gevonden, oke,oke een hond, een vader en een moeder, ik begon vertrouwen tekrijgen in mijn zelf, tot jij als document op dook!ik kon je wel verscheuren, je gezicht vernietigen in de kachel gooien!!maar ik heb het niet gedaan, ik kreeg medelijde met je, ik had te doen met je, je kreeg een plaatsje onde mijn bed, zodat ik over je kon waken, je kon beschermen, ja! zeker! ik heb je hulp roep gehoort, ik zag aan je ogen, die eens van mij waren, een deel van mij, maar vervreemd raakte door tijd, door trappen, slaan, schreeuwen, Amsterdam, kinderhuis, sloten, kaaimannen op de kast, verloren zusje, verloren ouders verloren land, verloren borst.
Republiek Indonesia staat op de voorste bladzijde, was het groen??? en daar ben jij!!! wat zie je er uit, je lijkt niet op mij die ik nu ben, ga weg, ik verdring je, ik sluit mijn ogen, om dan toch uit medelijden je aan te kijken, ik huil, wat hebben ze met jouw gedaan??? ik vlucht met je van de kamer via de grote hal, naar mijn immense kamer, waarin de hoek een bedstaat, alleen voor mij, die kamer is groter als de hele wereld die ik gezien heb, met een raam dat uitkijkt over een tuin, waar de belladona geurt en de zon naar binnekomt om mijn hart te verwarmen en daar is zeker plaats voor jouw, mijn foto,mijn paspoort met dat angstige jongetje, dat heet Bart.

feest felix 2011 482

Weg en dood, dood weg! mooi?

Geschiedenis zit in de genen, geschied vervalsingen in de boeken op school, geen haan die kraaide? Waarom zou je twijfels hebben over de school, waar op je zat, aan je meester of juffrouw, later de krant, tv en die duizenden boeken die werden geschreven, nu 70 – 75 jaar later zien we de gatenkaas! Het collectief moedwillig geheugen verlies, die jammer genoeg nog steeds goed gepraat word, door vooral, oude fouten ambtenaren en politieke starheid! En alles wat subsidie vreet en nog steeds mee doet aan het niet bijstellen, hoe het werkelijk was! Mijn oma en haar overgrootmoeder zijn daar een voorbeeld van, net als mijn andere overgrootmoeder, in een stamboom weergave zie je lege gaten, als of daar niets plaats gevonden heeft, als of de wereld daar niet leefde, terwijl in de geschiedenisboeken, van veldslagen verslag word gedaan! Het uitmoorden van koningen, koninginnen en hele koninkrijken in de archipel en daarmee hele volksstammen en of dat? Niet genoeg was? Ze werden totaal genegeerd, ze werden verbannen van elk recht, er bestaat geen documenten waar hun namen aan kleefde? Miljoenen mensen hielden op! Als mens door de tijd te gaan? Die “Untermenschen” een uitdrukking die eeuw later zo populair zou worden! De Nederlands-Indie bevolking, die naar Nederlands begrippen primitief was, ondergeschikt, voorbestemd, het zwijgen, voor altijd opgelegd, koninkrijken onder de voet gelopen, vertrapt, de bestaande adel tot de bedelstaf gebracht en slechts de goed gezinde, mochten blijven bestaan! Dus slechts van een enkeling, goed gezind aan Nederland, bestaat zijn afkomst nog op papier! De rest ter dood veroordeeld in eeuwigheid? Alleen een foto of tekeningen, schilderijen of geschiedschrijving van hoe geweldig het Nederlands leger was, beschreven deze mensen? Soms met hun echte namen of spugende gal over ze uit! Ons werd op school geleerd? Dat we daar trots op moesten wezen! Wij moesten trots zijn, om volksstammen, verwoest en verbannen te hebben! Van elk mens onwaardig bestaan? Meer hoef ik niet te zeggen, nadat ik uit dat land moest vertrekken, als een van de zo velen, waarna, mijn familie onderzoek, naar mijn moeder, van haar oma’s kant, de leegte voor zich laat spreken en de namen niet verder kwam als “de Inlandse vrouw” Mina of “de Inlandse vrouw” Atjimah, die natuurlijk? Zo uit het niets geboren werden! Zo rond 1830 ! Zo moet je wel een vloek uitroepen over de Indo, Indo-Chinese, Molukkers of andere groepen daar geboren! 75 jaar later kunnen wij herdenken tot ongeveer 1830! Terwijl het binnen in ons? Anders voelt!

Koffie dik, bestaat! kijken ook!

Het is pas geleden, dat ik weer contact kreeg met dat onbekende verleden en een oude dame 92 jaar, met haar zoon wat foto’s uit gewisseld, want ook aan de andere kant was weinig bekend, dit is wat een oorlog doet al sprak men over vrede in het thuisland! En ging mijn oom met zijn nieuwe vrouw van Nederlands -Indie naar Suriname en later naar Nederland, het verhaal is erg in gewikkeld en nu pas heb ik namen op een rij? Gelukkig heeft een zus via Geneanet verbeteringen aangebracht, maar met dat zoeken, ontdekte ik veel verborgen leed, las ik de pijn en ook, die zoektocht, die abrupt werden af gebroken omdat het noodlot, toesloeg, zoals bij onze voor ouders! Terwijl we gisteren herdachten, ieder op zijn manier, maar de vrede nog niet uitbundig kunnen vieren, daarvoor is ons verleden te lang ontkend! Misschien zijn er enkele die later geboren werden, die geen weet hebben? Het anders ervaren? Zo als mijn dochter vraagt? Papa waar komt die onrust in me vandaan? En dan kun je alleen maar! Vertellen, opdat het een plaats krijgt, zoals nu mijn familie plaats krijgt in de geschiedenis, al was het alleen maar in die van mij! Op dat ik plaats krijg in “mijn” familie waar ik uit weg werd gerukt, toen Nederland al 7 jaar vrede vierde in vredes tijd!

Top van de berg in nevel!

Voor dat raam kijkend naar verdwijnende silhouete, waar slechts de afdruk bleef, voor even, je kordate schrede, omdat je met verbetenheid, weg stoof, voordat je, je zou bedenken! De tranen in jou ogen bleven verborgen, misschien waren zij het Laatste wat ik van je zag? Zo als die foto, die ik 2015 kreeg, wazig als een filter die alle pijn ver bloemde, buiten alle pijnlijke verhalen die je me vertelden voor het slapen gaan! Al je geheimen en verdriet, maar ook je hoop! En is deze belofte door mij aan jou? Dat ik 68 jaar, drie maanden en één dag! Je waren gezicht mocht zien! Als was het een ver familielid, die de foto bewerkte en jou tot leven bracht, springlevend! Je ogen zijn die van, mijn eerste vrouw, waar ik smoorverliefd op werd, ik kon zwemmen van geluk, als ik haar aan keek? Nu weet ik waarom? Maar ook waarom zij mijn ex zou worden, zo maakt deze foto zoveel duidelijk ? Waarom mijn ogen steeds van kleur veranderde, bij zonlicht, ochtend, middag of avond, had ik je foto zo gekregen in 1982? Dan had ik je vast wel herkend? Dan had ik je niet van schrik in mijn zak hoeven doen! En stiekum weer te voorschijn halen, vol verbazing? Deze dag is alles anders? Deze dag kan niet meer stuk, al lig jij ergens in honderd duizenden stukken en met de tijd tot stof vermalen, het is een eer je zoon te zijn! Wat mensen ook zeiden of zeggen! Jij bent mijn echte moeder!

Kwek-Kwek zegt de DuckDuckGo

Verzachtende foto’s die me een inkijk geven, in wat ik gemist heb, een ander leven, vol met zijn geheimen, waar de palmbladeren van schrik, gelijk stil gaan hangen, uit schaamte omdat niemand in, gegrepen heeft, waarin geen enkele vijand, tot bezinning kon komen! Op hield met dat leed, van spleetoog, tot eigen landgenoten of bezetters en de eigen landgenoten deden het nog eens langzaam over en de bezetter ook! Tot het schip de haven ontvluchte! Het gepraat verstomde, en de golven het heft, in handen namen voort gestuwd door de zware diezel motoren en zo af en toe, tussen door, de blauwe lucht één witte vlek, dé albatros of zwart één kraai en de haan kraaide bij aankomst, alleen was het een straat verder, van dat afgedankte hotel, waar jullie werden gedropt, als haringen in een ton, waar in de donkere, toe gewezen kamers, s’nachts de verschrikkingen, zich herhaalde, waar vingers graaide naar je geslachtsdelen, borsten, alle rondingen en gaten, die werden gevuld, betast, verkracht, maar je was dapper, je klaagde niet, gingen die angsten maar weg? Kwam het ochtend licht maar! Als verlossing en de warme thee de geleden pijn verzachten, terwijl je tanden krampachtig op elkaar bleven en je gezicht een glimlachje toverde? Als of er niets gebeurd was! En dat zie ik, als ik naar die foto’s kijk, naar foto’s van al die vluchtelingen uit Nederlands-Indie en later Indonesië en bij deze laatste groep, ik zie die lach van wanhoop nog, toen jullie of die anderen, naar me keken! Weg geslagen die hoop, te mogen blijven in je geboorte land en de vraag wat nu? En daar tussen? Die verspilden jaren, geaccepteerd te worden in je eigen land en daar stond je, dun gekleed voor de tijd van het jaar, een nummer om je nek! Een puppy had het beter, die werd liefdevol vast gepakt en jullie? Moesten troosten in jullie eigen verdriet, terwijl de haan langzaam zijn bek hield !

Onderkant van nooit gedacht!

Ja wist jij veel? Ik nog minder! Las je vraag? Over je moeder, wie wist er wat van haar? Nou je hebt geluk, ik heb een foto van haar en bij toeval, een toen ze verloofde en je vader er bij, eigenlijk weet ik ook niet veel over haar zelf, wel begrijp ik wat daar ongeveer is gebeurd! Zelfs begrijp ik jou vraag zo goed, als je met een been deze wereld verlaat? En ik vertelde al ik schreef je gelijk, maar toen, ik snap het, waren je gedachten elders, want die hoop had je al op gegeven? Iemand heeft met je ex gepraat, ze is 93 jaar en kordaat, dat zal ze wel moeten wezen, begreep ik uit je levensloop! En ze wil me graag ontmoeten! Me zien! Ze vroeg naar mijn kinderen en in drie dagen, heb ik met heel veel hulp, je hele familie bij elkaar geveegd! Niet op een hoop? Nee netjes gerangschikt, hier en daar een foto! En natuurlijk hoop ik dat er meer komen, want ik zag namen, van mensen, die ook willen weten hoe het nu zat? Kinderen zonder ouders, vaders of moeders of op gegroeid net als jij bij een tweede vrouw van je vader! En ja dat is anders, dat voelt anders en naarmate je ouder wordt, dan komt die drang, die oerdrift van het willen weten! Dus ik hoop dat iemand je dit kn voor lezen of misschien, kun je het zelf, misschien een verpleger? Of misschien schuift net de deksel van de kist boven je hoofd en is het pikkedonker! Weet klinkt minder fraai Freddy, ook mijn geest slaat vaak op hol! Alleen zo kan ik het gemis verdragen, omdat ik je nooit heb mogen omarmen, nog je familie mocht kennen, ook mij ontnamen ze alles en gaven iets anders en daar moest je het dan mee doen, ook al spartelde je tegen en dit laatste doet me denken aan een vis, aan een haak, als je die uit het water trekt, natuurlijk niet te snel? Anders ben je die vis weer kwijt? Net zo kwijt als onze ouders, jij had nog je pa, jullie kwamen ook vroeg naar Nederland, terwijl mijn moeder de pleuris zooi probeerde te vergeten, dat mens was net gehuwd met mijn pa! Dat was niets en werd ook niets, dus misschien maar goed, dat je weg ging in 1947 naar Amsterdam en Suriname en weer terug, ben trots op je neef, it is maar, dat je het weet! Weet dat ik »onze » hele familie bij elkaar gevonden heb, zij « die » die kampen overleefde, zij « die » die zogenaamde vredes missies, overleefde en de onafhankelijkheid idiotie, uit elkaar gereten als of we door haaientanden verscheurd waren, weg zwommen naar een veilige haven, ik heb ze in een groot net gevangen, zo als alleen een « waterman » kan doen! Het ga je goed!