Was het de deksel? Die galmde?

En daar werd je gevonden? Mijn onbekende neef, nu is het wachten? Zijn er nog meer verrassingen? Want tussen 1929-1931 en 1932-1933 kan veel gebeuren? Zo heeft mijn tante dus twee zonen, die worden naar haar overlijden, opgevoed door hun nieuwe stiefmoeder, te jong om te beseffen wat er gaande was! En dit vind ik terug in deze foto, waar van de vader slechts G als voornaam krijgt en de moeder A, dit kan zijn door Engels taal gebruik! De E word dan een A van Augustina! of hij kon alleen haar tweede naam onthouden, waar hij in zijn jonge leven, zich aan vast! geklampt, had? Niets is complexer als de hersens van een kind, die tot volwassen word! Dit traumatische geheugen storing, zie ik zo vaak bij ontheemde en bij mij zelf! Nog mooier? ik vind de zoon van je broer, ik lees de dramatische gebeurtenissen en betrap me het unheimische gevoel in ander mans eten te roeren! En toch steekt de euforie zijn kop op! Want ik ben blij! Blij dat een verhaal, vertelt kan worden, Die iedereen samen brengt, al is het maar voor even! Voor dat ik zelf de doodskist in duik en het te laat zou wezen voor deze familie geschiedenis! Een geschiedenis uit zo vele, die moesten vluchten uit het moederland, waar jullie vader onderofficier in de KNIL was!

Onderuit die Doofpot! op de valreepstrap? Bodem lagen Vragen?

Eigenlijk kende ik je naam gelijk met deze foto? Nu bijna vier jaar en als ik goed terug denk misschien ergens in een document van Indisch familie Archief , verborgen tussen al die namen, je was vroeg dood 1933, ver voor mijn tijd, ook niet waar ik meteen naar opzoek was? Heel erg ik weet het? Ik zocht mijn moeder, mijn opa en had zoveel jaar nodig om alles een plaats te geven ? Ja jou had ik wel in de stamboom staan en toen stond je op een zijspoor, eigenlijk net zo bescheiden als op die foto en weer op een andere foto, daar was je nog een kind, zo anders, veel groter als de andere, dat viel op en nu drong tot me door dat je kort gehuwd was en zelfs een zoon had dat was Freddy, ja zover ben ik wel gekomen! En met een paar mensen zijn we gaan zoeken en kwam weer zoveel namen tegen, na je dood, huwde hij! Guillaume L.Ph Glans met een dame Hermelijn en kwam in Amsterdam wonen! Bijna de hele familie zat daar? Ik ook, maar wel in een ander huis! Zo na het DNA kwamen namen naar boven? Wist ik veel? Door het huwelijk van Freddy in 1953? Nu weet ik ze wel de namen! De Haas en Meijer en zo was er een meisje die wou iets meer van haar oma weten? Zeg maar eens nee? Na veel zoeken, alles gevonden, maar met mijn zoektocht had ze niets van doen en haar moeder, was ook kortaf in de mail! En nu vier jaar later, valt die puzzel weer netjes in elkaar, ook al kwamen er weer duizend vragen bij? En zo belande ik in Suriname en las de namen die ik zocht, stelde vragen en hoop dat ik antwoord krijg? Want soms is iedereen al dood! Dat krijg je als een overheid, verstoppertje speelt over lijken, terwijl ik nu de lijkschouwer speel, van kerkhof naar de graven, aandachtig de boeken lees met namen, van de gene, die de laatste eer bewezen! Het valt niet mee! Een boek van het leven achterstevoren te lezen? Laat staan het te begrijpen! En dit kwam door een ver familielid, die nog ergens een foto vond, zonder naam? Maar ik pikte je er zo uit! En je zoon? Ik las zijn bericht vier jaar geleden uit Suriname, wie o wie wist er meer van de geschiedenis van de familie Glans, maar dat bericht was acht jaar terug geschreven? Ik heb gelijk geantwoord? Maar nooit meer iets vernomen? Geen wonder? Want hij was al dood!

De vergeten Staart van de Soevereiniteit

Zo ging het toen, zo werd recht gesproken in naam van de Koningin, terwijl haar foto in de rechtbank je indringen aan keek, zo van klein ventje wat wil jij? Natuurlijk verzin ik dit laatste ter plekken, toch geeft het wel weer aan hoe een jongen zich voelde van 14-15 jaar en dit alles in die muffe geur van eikenhoutenvloeren, meubilering en hamer, die met een klap neerviel, zo hard! Dat weet ik nog wel, maar in mijn gewetens gevecht, verraad aan mijn naam, mijn eigen ik? Mijn eigen zijn, dat zat me al jaren in de weg, toen mij gevraagd werd hun naam te willen dragen, want dit was toch beter voor me? En die uitleg, hoe lullig ook, want het was toch niet meer als een kleine Indo kleineren en waar je ook met de beste wil van de wereld geen tegen argumenten kon op werpen? Want ja waarom zorgden zij wel voor mij en mijn ouder niet voor mij? En dan mijn moeder? Zo ver weg? En als ik dit stukje lees, dan denk ik ja? Van uit het centrum van de wereld! Werd een advertentie geplaatst in de Volkskrant? Die “nog” in Amerika of Indonesie werd gelezen? Of misschien een maand later, met een kleine kans dat die boodschap, door gebriefd werd m, door een toevallige kennis van een van mijn ouders? Gewoon geen kans van slagen 99,9% kans van mislukken en voor de buitenwereld, we hebben er alles aan gedaan? Moet ik dit dan ook zien! “Als de waren vader en moeder liefde” die ik al die jaren van hen genoot, terwijl ik toen niet verder kwam! Als de ambachtsschool, de Goffert, de meest saaie vervelende school, zo als die school daar voor, waar de tijd bleek stil te staan, als of die klok gewoon geen zin had!? Een einde te maken aan die kwelling, die kwelling van mij geweten, mijn constante vraag? Waar zijn jullie allemaal? want Amerika was ver weg? Had zo’n opblaasbare globe met zo’n prul standaard, voordeel was, het was licht en in een oogwenk zag je Indonesië en de geur van plastic, kleur blauw waar de oceaan was en dat was nog al wat en daar moest dan mijn moeder zijn? Nog ik kon haar niet vinden, nog mijn vader en zijn nieuwe gezin ook niet en in Berg en Dal? Daar wist ook niemand iets, zelfs die school daar was niet voor mij? Ik moest me de pleuris fietsen 20 km per dag, berg op berg af en soms, dwaalde ik weg, ver weg en niemand wist waar ik was, nog ik zelf en als ik dan weer de geest kreeg? Staarde ik dof voor me uit en kreeg mijn geweten er weer een deuk bij en als ik op die schoolgang moest staan, voor straf, dan liep ik de mozaïeken steentjes te tellen, dan werd ik blij, want dan droomde ik dat mijn moeder en mijn vader en mijn zusje bij elkaar waren en mijn oma en opa en oom Henk en die andere, die ik nooit meer zag, er kwamen heel veel nieuwe gezichten? Maar die waren anders, ze spraken niet mijn taal, ze roken anders, aten ook anders, terwijl ik leerde veters van de schoenen te strikken en al die stomme dingen, terwijl ik dacht aan hen? Ik heb het nooit begrepen en zelfs nu niet, terwijl nu de tijd voorbij vliegt en ik het nog steeds een klote streek vind en er ook geen goed woord voor over heb, al heb ik het wel geprobeerd en daarom zei ik maar ja en amen? Je ziet? wat er van komt? Niet veel goeds? En nog zie ik die Arnhemse kinderkoppen voor het de rechtbank, het was nog voor de school vakantie, toen ik naar de slachtbank ging! Die OVC gedachte, dominee mentaliteit of gewoon onwetendheid of gewoon geslepen egoïsme, deze gedacht aangewakkerd door hele kleine notities, die ik vond in de map voor mij, de enige map met belangrijke papieren, die bewaard zijn gebleven en niet verbrand in het krakerspand! Een leven van uit die opgestapelde wanhoop, van leegte en intens verdriet, die zelfde? die mij nok out sloeg, toen ik naar dat kinderhuis moest, mijn zusje verlaten, mijn vader, eerst mijn moeder, wat een leven? Geen wonder dat het van mij niet meer hoefde, geen wonder dat ik de pijn verdoofde, geen wonder dat ik allemaal verdwaalde mensen verzamelde, geesten, half dood of het moest nog komen, maar dat wisten ze zelf nog niet, zo diep was hun leed! En deze mensen werden op gevreten door mede mensen, verscheurd in duizend stukken, levend, soms half dood of verdoof, ik ruik de geur nog en soms? zag je het al aan de ogen, waar de spiegel van de wand donderde! in duizend stukken en kraaien van schrik op vlogen en zo sleep ik me voort, borst vooruit! In naam van hen! Namens hen en zij! verlaten me niet, op soms, een enkeling, die ik misschien? Niet in de ogen gekeken heb! Zo als die zwart-witte vloer, ook al heb ik ze ooit geteld? Ik ben het aantal vergeten, maar niet haar? Mijn enige moeder!

Waar blijft de tijd, niet hier! Niet daar!

zo vlak voor kerst, een beetje uitgeteld, moe, boven al te Vreden, dit komt? omdat het zoeken naar familie, reuze sprongen maakt, nieuwe namen, duizelen voor mijn ogen, gezwegen over de jaartallen daarbij vermeld, geboorte plaatsen, bootlijsten vol namen, op verschillende manieren geschreven? Toch is het de zelfde familie, zo zal later blijken en eens te meer komt naar voren, het ontbreken van kennis, door het beroemde Indische zwijgen? Zo moet de waarheid gezocht worden, uit kleine anekdoten of flarden op gevangen in het donker? Bij familie bezoek? Of per ongeluk, ontsnapte woorden! Na jaren speuren herken ik, binnen vrienden kringen, kreten, namen, herhaalde namen, soms zo anders geschreven, zelfs de voornamen, vermengt met bij namen! Om gek van te worden! Terwijl over de hele wereld mensen naar elkaar zoeken? Soms ook niet? Soms stoot je iemand wakker, die dacht alleen te zijn? Verrassing, argwaan? Of daarna weer die stilte, die ijzige stilte van wel eer! Die en dat “mistlandschap” waar gedempte geluiden klinken, als of mensen op sokken lopen en die sokken weer op tapijten en die tapijten liggen op wolken velden en zo dempt en remtaf, het geluid als een goederentrein die langzaam tot stilstand komt en die laatste schreeuw uit die stoomfluit, bevestigt dat dan ook! Maar dit kreeg je niet mee? Die kreet ging verloren, net als de rest en voor ik naar beneden stort? Omdat de wind het wolkenbed aan flarden blaast en langzaamaan de werkelijkheid tot me door dringt en ik jou tegen kom, eerst op papier of op PC, dan ging daar bijna 70 jaar voorbij en sommige veel verder en gaan we terug in tijd 1830 en soms moest ik zoeken in 1230, om te begrijpen hoe het zal daar in Nederlands-Indie voor en na de oorlog? En dan steeds die vraag? Welke oorlog? Welk einde? Die van me zelf? Mijn moeder? Mijn tante, Oom? Familie, naasten en de overlevenden? Verspreid als scherven over deze aarde, net als de botten of as van onze voor/ouders, familie, terwijl ik besef dat ik er ook met een halve poot in sta? Al doe ik alle moeite, dit te ontkennen en leef er nog dapper op los! Terwijl de spiegel niet om aan te zien is? Zelfs niet? Door haar op te poetsen, geeft ze! vergane glorie geen herkansing!