Trek aan je neushaar pijn!

  1. Je gaat, je gaat slecht voor heel even, zo is dat in ons leven, een leven voor bestemt zou je denken? Onze blikken kruizen en weten zonder woorden, wat niet uit gesproken hoeft te worden? Zo als een jaar geleden? Verbondenheid zo nauw, zo diep van binnen, terwijl je soms zegt! Hou op! Of laat me alleen, dat zijn die momenten dat ik me onzeker waar! Nu weet ik beter en weet het komt goed en zo heb ik tijd en drink het water uit de bron, wat op-zich een avontuur is? De weg naar boven, dan de trappen af, naar die koperen kraan, waar dat heldere bergwater uit een koperen kraan vloeit, druipt en dan zo in die flessen, door de kou condenseert druppels aan de buitenkant, ik maak mijn, mijn handen als een schaal, gulzig geniet ik van het vocht, mijn tong geprikkeld door de vele mineralen, waarlangs dat water in die berg stroomde, het is als of ik de aarde drink, als of de wereld in mijn mond duikt, het heelal er bij en zijn meteorieten regen of stortbui, dit om de gewelddadigheid, weer te geven, van wat daar gebeurd in mijn mond? Bijna onvoorstelbaar? Ieder normaal mens zou denken? Gelukkig als je dit leest of van alles wat ik schrijf? Dan behoor je tot een groep? Van doorzetters of van iemand met geest? Een geest die kan verplaatsen en van woorden houd? Geluiden, natuur of gewoon de mens? Vooral deze laatste, vergeten we zo vaak? Hij die afdaalt, bij een kraan van koper? Berg op! berg af? Dat is wat anders als thuis de kraan open draaien of een fles open draaien uit de winkel? Voor al die gedachten die door een mens gaan? Terwijl hij bukt het water naar zijn lippen brengt, terwijl om hem heen, tegen de rots, de muggen dansen, het mos welig tiert? En niet tekeer gaat, rust, varens en soms een adder die van schrik weg kruipt en zo in dat dal, aan de voet van het riviertje, zijn bed, haast droog? Waar kikkers soms springen of andere gekke dingen doen? Het gekrioel en oorverdovend geluid? Voor wie wil horen? Weet dat de mens niet het enige rare op deze aarde is? Dit terwijl ik de slachtpartij gade sla van uit mijn ooghoeken en het water langs mijn mondhoeken, morst en een nieuwe weg gevonden word voor die druppel, die de emmer niet deed overlopen, maar verdampte, van ellende op die zomerse bloed hete dag!

Het kruipt en ook niet echt!

Zo vreemd als je hier bijna 68 jaar bent en nooit echt aanwezig? Altijd zijn die gedachten onderweg of daar, nooit waar je werkelijk bent, al zijn er momenten dat je geniet van je omgeving van nu? Maar voor je het weet! staat de koffer al klaar, vertrekt de taxi, stap je in de trein! Dan gaan je hersens aan de haal! En als ze je zou vragen waar? Dan is het bij dat mistlandschap en soms veel verder, daar waar de mist eindelijk kleur, kreeg,? Geur en warmte een gezicht! De waren liefde zo als ik die ooit voelde, tastbaar, voelbaar, door een eenvoudige oog opslag, die tedere en soms corrigerende hand of vinger, die stem die me toesprak, geluiden uit een gezin, die dan weer wreed werden verstoord? En zo snap ik waarom ik die vrouw mijn nieuwe moeder al op vroege leeftijd verzorgde, als ik thuis kwam uit school, bezorgt vroeg, gaat het met je, wat kan ik doen? En de kamer en de afwas deed! Omdat zij de kracht niet had? Nu snap ik waarom ik in dat verpleeghuis werkte, ziekenmensen blij wou maken, verzorgen in hun nood? Tot de dood te dicht bij kwam? En die naderende dood van jou? Die naderende dood van haar, die naderende dood van ieder om me heen? Maakte me schuw en ik ging weer met die taxi, in de bus of trein, auto het maakte niet uit, als ik dat scheiden? Maar niet opnieuw hoefde te beleven? Niet weer? Niet alweer, liefst nooit weer en toen? Ik deed niet anders ik wilde jullie nog een! Keer, gedag zeggen, nog een keer kussen? Vaarwel, bedanken voor je vriendschap, vooral toen ik het zo nodig had, bedankt voor dat luisterende oor, toen ik me geen raad wist, toen ik gevangen zat! Zo als mijn hele leven gevangen was, bedankt dat ik deel uit mocht, maken van je gezin, weer even een stukje minder eenzaam, die eenzaamheid, met miljarden mensen om me heen en slechts jij! Had oog! Soms wild vreemde, maar ook die viespeuken, die van ellende zich ophingen, nadat ze de hand aan zovele legde, mensen zo als ik! En ik? Verkocht me zelf tot het niet meer hoefde, en toen gooide ze me in een Wajong een wet, wel 30 jaar te laat en kochten het af met 5 en nu? Kan ik net leven, ben te oud me te verkopen, ik zit met zo velen, slecht vol met herinneringen? Ik weet? Ik had het anders moeten doen? Maar die weg bestond niet? Dat is een ander boek? Een Indo als ik deelt alles, tot hij niets meer heeft, Anders kan hij niet genieten van het leven, alleen, die gedachte alleen? omdat die eenzaamheid! Juist al die angsten brachten, verwarde gedachten, er gewoon niet zijn! Terwijl mijn blauwe ogen dwars door je heen keken, als of je naakt voor me staat en ik zie je van onbehagen beven, tot je door hebt, dat het geen slechtigheid of gevolgen heeft? En zo werd onze vriendschap blijvend, al schudde ik soms het hoofd? Je keek niet! je was al verder en ik liet je gaan! Tot de dag dat ik ook langs moest komen, sorry ik kan niet tot dat laatste moment blijven? Ik kan dat niet aan? De angst daarvoor wurgt me, dat is aan andere bedeeld, wees gerust je blijft altijd bij me!

Als je hier was en niet DOOD

Zo heb ik ze gevonden mama, het duurde wel even? Ik ben zelfs voor die tijd van opa beland, bij zijn vader en moeder, het gezin? Die zo trots! hun katholieke kruisjes dragen, vooral als je geboren bent in de rimboe, nou ja? zo noemde ze dat vroeger? Maar jij hebt ze nooit gekend of gezien, alleen van horen zeggen? En wat staat hier op deze foto? De naam? De naam van jou kamp, van mijn kamp? Het kamp wat niet meer bestond na eind December 1949, want Nederland gaf Indonesie eindelijk zijn vrijheid terug? Zo raar iets terug geven, wat nooit van je is geweest, denk ik dan? Wat jij dacht weet ik nu wel? Voor jou was alles zonder meer afgelopen? Je deed nog wel je best, je wereld storten nu helemaal in? Wat overbleef voor jouw in 1956, nadat je de nachte afstroopte, zo als het vel van gevoelens? Ooit in dat Jappen kamp, zocht je de troost, zodat overdag, je sliep of het een roes was, vergetelheid, vermengt met toen? Toen je nog huisde in je jeugd, je lach bulderde door de straten en ik zie je op de foto staan? Als een klein boefje, ondeugende blik en waarom niet? Je had vast anders gekeken als de letters Tjimahi of hoe ze het toen schreven? In neon licht angstaanjagend op flitste? Flikkerde, zo als je hele leven van een trap zou donderen, oorverdovend en door zou klinken in Amsterdam? Zelf zo sterk had jij het niet kunnen bedenken? En ik weet? Jij hoorde bij die vrouwen? Met kracht? Met een Inkassering vermogen die aan het boven menselijk grenst? Werd het niet begrens door mensen om je heen? De roddels of misschien wel de jalousie? En dit laatste ontgaat me dan? Wel dat ik hoorde dat je een mooie vrouw was? Geen wonder dat ik je nooit los heb kunnen laten? En nu mama, ben ik met mijn jongste dochter! Ze had zo je half zus kunnen wezen, soms laat ik je foto zien? Maar het zegt haar niets? Geen wonder? En zo zie ik dat er wat anders staat Tjikasosi of nog wat? Jou angst sloeg weer in mij over! Drie begin letters waren genoeg!

Utrecht was ooit

Moeder je moest eens weten? Hoe stemmen zwegen? Hoe mensen jullie willen verkopen? Tentoonstellen, als of jullie lijden er bij hoorde, on uitwisbaar, voorspelbaar, verwacht, aan zien komen, terwijl vele van jullie het Japanse zwaard niet eens konden zien aankomen, nog na vertellen, slechts van horen zeggen, slechts van horen zeggen en dat weten we? Word altijd verdraait, zoals ik jou ook verdraaide, anders in gedachten had, als de werkelijkheid, over welke werkelijkheid, praten ze? Van dat wat ik gelezen heb, tussen de regels door? Door gestreept of met kruisjes? Als of je niets mocht zeggen tegen me? Ik heb om een document gevraagd, eerst mocht het, toen weer niet? Een nieuwe WET, ik was het kwijt? Maar als bij wonder? Ik had ergens een copy liggen en nu bij een andere aanvraag! wacht ik al drie weken? Het zou een week duren, ben benieuwd wat daar ontbreekt? Censuur heet dat? was in jou tijd ook? Ik heb daar over gelezen? Ik wilde alles weten van je? Hoe slecht ook! of leuk? Ik heb meer leuke foto’s van je, dan leuke dingen over je gelezen? En dat gesleur met ons, nadat Westerling het land uit was? De pleuris die uitbrak, maar volgens hoge pieten, was het kalm en vredig in Bandung, ja een snotneus, uit de oorlog met NGN vroeg dingen, die zo diep gegrift zaten, dat ik eerst terug moest gaan naar Bandung om het spoor weer op te pakken? Jesus wat heb je met ons, een afstand afgelegd? Ik ging per auto en er waren verharde wegen, allemaal huizen, de kampongs waren geweken, toch kon ik er nog enkele vinden, ik ben er door gelopen, maar niemand herkende me nog, alleen het geluid van de haan en kippen, soms gegiechel of een snik van een kind, deed me even dichter bij je komen? Voor de rest? Waar was je? Waar waren je sporen, behalve km8 Lembangweg die hele weg naar boven? En onder aan het huis van familie Pieter! Zomaar gevonden, geen wonder dat ik je zag, toen je voor altijd afscheid kwam nemen! Ja ik weet “dit” was na het kamp? Dit was na de Docter die me moest op peppen, voor de grote reis! Gek de baboe en papa hebben het nooit de waarheid verteld? Wat er met ons is gebeurd? En je ex man had ook al, van die verwarrende verklaringen? Als of jij er iets aan kon doen? Zo als ze jou toen gebruikte, mensen je misbruikte, zo gaat dat nog steeds, mensen in nette pakken, ja? Heel voornaam? Denken ze zelf? Wij niet, wij denken nog steeds aan jullie, hoe fijn het was? Als jullie echt open en eerlijk erkend werden? Maar dat zit er nog niet in? Ze wachten? Tot wij ook dood zijn! Net als jullie, ze hebben iets met kruizen? Voor aan in de kerk? Op het kerkhof? Bij herdenkingen? Op foto’s en vooral in de documenten? Het is toch wat!

De wolkenstapelenniet meer!

Zo was ik dan, aan het tellen en gaf de moed maar op? Niet de moed, te blijven ageren aan de vraag? Van onze ouders? De “eerste” die voet aan de wal zette? Of gewoon de bui al zagen hangen? Of gewoon omdat ze bang waren, dus geen helden of zij kwamen, omdat de grond, te heet onder de hun voeten was geworden, bang voor ontdekking, gevlucht na het lange lijden, als nog? gekomen, wel heel veel later? na de tweede golf van geweld, die hen nogmaals trof en bleef treffen, als of ze vast gebonden stonden in de branding? Sommige moesten wel zwijgen, zeker door zij, die zo hoog van de daken schreeuwde, wat niet waar was, gelogen en toch geloofd, zo kwam die nieuwe waarheid, verrekte goed uit! En het pokerspel kon beginnen, de kaarten werden geschud, alleen was het de kleine stapel waarmee werd gespeeld, de andere betere helft, was al verdeeld en kaal gekloven botjes bleven over en soms geen een? En zo zitten ze to op heden 2019 nog te hopen? Beloond te worden, erkent, gehoord, nog voor? Die onvermijdelijke opstap, naar de dood? Terwijl de tranen stromen, beken vormen, uitmonden in zee, de schuldige ongestraft blijven, hun bord nog eens extra vol scheppen, met dat? wat zij hebben moeten ontberen? “Meneer de President slaap zacht” het lied uit de zestiger jaren, klonk nog dichter bij, als ooit te voren!

Op witte vlakken er naast!

Zo vraag ik me af mama, zijn jullie! Die comfort Woman allemaal in het niets verdwenen? Op die enkeling na? Die hun stem verhieven? Natuurlijk zijn er velen vermoord? Afgedankt als vuilnis, overtollig goed! En zij die van uit schaamte, zelfmoord pleegde en de rest? Kroop weg? Kroop weg in zich zelf, lachte er overheen, lachte langs dat verleden, omdat zo! het verdriet, die pijn, voorbij zou gaan? Onmerkbaar! Als of de vibratie van lichaam taal , niet verstaan of mis staan kon worden, als of jullie vrouwen, nooit bestonden, terwijl de kinderen daar uit ook zwegen, met jullie mee? Solidair, Het nest was stil, zo ook het jong, wiens mond pas ging praten bij het opgroeien? Nadat het begreep, dat er ooit wat was gebeurd? En zo heb ik nog een tastbare foto van? Vele foto’s werden verbrand? Weg gesmeten? Herinneringen werden op gesloten, verbrand? Verbannen, nieuwe verhalen ontstonden, verzonnen, ver weg, van wat had plaats gevonden, waar lichamen, werden verkracht! Net zo lang tot het niet meer uitmaakte, tot je je wel moest laten gaan, met in je achterhoofd, de wraak, een wraak die nooit kwam, niet die erkenning? Niet een massaal erkennen, slecht een afwijzing massaal, ja zelfs een protest, ik heb het niet over het protest van die enkeling? Die durfde te praten en pas zijn er, nog een paar overleden, ik noem! ze de uitverkoren? Zei mochten het verhaal vertellen aan de wereld, die door raasde in de waanzin, vooral vergeten? Wat was! Maar mama ik heb goed nieuws? Ja? Het is dat je het weet? Er zijn mensen geboren of uit echte liefde of gedwongen? Die zijn gaan schrijven, die zijn gaan schrijven wat er in hen omging? Geen verhaal, naast een verzwegen verhaal, je zou kunnen zeggen? Een echo van jullie stemmen, uit jullie schoot geboren en mama? Goed nieuws? Ze worden gehoord? Ze gaan vertellen, jullie raken niet in die vergetelheid? Nog niet? dat moet nog komen, laten we nu luisteren naar die verhalen en knik mee? Laat je schaamte varen en laat me je aankijken, zo als ik je voor het laatst zag? Vele hebben die overtocht gemaakt! Met kinderen uit die periode, ze hadden geen andere keuze? Net als toen? Wat raar dat je geen keuze hebt in het leven? Terwijl wij mama? Op school leren dat je dat wel hebt? Ook nu word het tegendeel soms begrepen, misschien komt het wel door de luxe waar in we leven, die luxe waar je zelf uit bent ontstaan? In opgroeide? Ik heb er foto’s van? Je moest eens weten? Je broer heeft ze mee genomen! Misschien waren het aandenken aan jou? Misschien toch voor mij bestemd van hogerhand? Want daarin ga je geloven onderhand? Alleen mis ik die die link van jouw? Over welke hogerhand hebben ze het hier? Een volk, geleid door een tot god verheven Keizer? Voor de rest kon ik inzien, dat ik beetje bij beetje klaar gestoomd werd, de waarheid onder ogen te zien? En zo blijft die vraag? Stel ik had je broertje bezocht, in Limburg, zo als afgesproken, was het dan de laatste treint terug. die me had overreden, terwijl ik mijn lichaam daar voor wierp? Of? zou de naald nog dieper in mijn ader glijden en drukte ik voor goed af? Of? was het juist goed, dat er geen geld was voor dat treinkaartje? Dat gesprek nooit plaats vond? Pas 50 jaar later met zijn dochter, die ook niet veel wist, ieder geval zei ze? Jammer dat je onze pap niet hebt gekend? Die had je vast veel meer over je moeder kunnen vertellen? Zo zijn er soms boeken, die nog moeten wachten, documenten en foto’s ook? Ik trek het snoer van het verleden aan, als een visser zijn net, de mazen klein, opdat niets ontsnapt? Aan wat niet mocht wezen, aan wat niet mocht zijn!

Achter dat prikkeldraad, was een stem!

Terwijl hij werd afgevoerd? Je man Gabriel? En jij bleef achter en de laatste foto werd gemaakt, het kind Boudewijn op je arm? Je broer Benjamin als bewijs? Dapper stond je daar! Stoer! Heldhaftig “het Icoon” van vrije keuze! Als je dat zo mag en kunt benoemen? Op naar je man? Op naar het Bataljon, de gevangenis. waar duizenden mannen, vrouwen en kinderen je voorgegaan waren en slecht enkele honderden overleefden! Het rangeer terrein, waar ook jij moest buigen, buigen voor de Jap, buigen voor je lot! En de drama’s die nog moesten komen! Terwijl je langs de wacht, reikhalzend naar hem,verlangend uitschouw hield? En nog voor het tweede kind ter wereld kwam, was je al weer in gepakt? Op een truck? Te voet? Per trein? Ik heb geen idee, ik kan slechts gissen, aan de hand van documenten, van boeken en hoe ik denk? Dat je zou handelen? Want een appel valt niet ver van een boom? Of klapperboom? Wat maakt het uit! Wat uitmaakte was dat nieuwe kamp Kramat, het woord alleen? Doet me huiveren en hoop dat je verblijf daar kort was? Want je was al uitverkoren? Met zovele? Als gewillig vlees en zo kwam je in Tjeding en daar sloot je je gevoelens af? Je dacht Alleen aan overleven? Overleven met je kroost en je jongste kroost, mama dat moet ik je nog vertellen van zijn zoon? Die ik vorig jaar tegen kwam? Bij nicht Grace de dochter van Benjamin? Vertelde me dat hij zijn hele leven naar jou vroeg? Nooit antwoord kreeg? Ik zie je gezicht betrekken? Ik zie die traan? Terwijl alles wat je deed was voor hen, opdat ze levend door die oorlog kwamen, levend uit die hel? Mama je moest eens weten, dat nadat ze jou vergeten waren, lieten barsten? Zo worden zij alle nog steeds genegeerd? Alleen die zich zo op de borst sloegen van hun heldendom, konden zich verrijken, er is niets veranderd, na dat je dat moest doen, met al die anderen, waar zij mee heulend met de vijand, gespaard bleven, natuurlijk niet allen en nu eren ze hen, die daar het leven voor gaven en jij en al die vrouwen, mannen en kinderen? Jullie medaille? Jullie Eer ging onder! In wat het daglicht niet mocht zien, waar beddenlakens, krampachting vastgepakt werden, soms verscheurt en kussens die de snik verstikte, smoorde, vermoorde de mens die je was op die foto, die ik 77 jaar later mocht ontvangen, zo als ik van mijn hele leven, legpuzzelstukjes mocht ontvangen van vreemde, die na een kort gesprek minder vreemd, waren voor me? En ik verander van onderwerp om dat ik niet wil weten wat er allemaal met je gebeurde, je hebt ondergaan, zo als zovelen, alleen nog toen die verschrikkelijke oorlog afgelopen was? Was je al weer in een nieuwe verwikkeld, met die zelfde monsters die vertelde hoe mooi en goed je was en jij? Schminkte je lippen, kamde je haar en dacht aan roze geur? Of aan beteren tijden? Terwijl de spieraal werd aangetrokken, nog eenkeer liet hij even los, hij kreeg de doodstraf, jij vrij, je geluk was voor even en de laatste foto met ons? Deed er 66 jaar over en daarna? Mama? En nu denk ik aan de foto, die in mijn hand geduwd werd, door een nichtje Henrietta Silvia, klein kind van Jan Thomas-Scheers, ging ook bij mij! Voor de zoveelste maal het licht uit! 1982 de dag als gisteren en het zo nooit meer het zelfde wezen, niets, nog dat verlangen naar je? Terwijl ik het eerst niet kon geloven, niet waar wilde hebben, dat jij het was? Zo anders als in mijn dromen? Zo anders als dat ik je jaren later kon zien en ik je pracht kon waarnemen, begreep waardoor mijn teleurstellende gedachte die was ontstaan? Uit een intens verdriet? Niets vergeleken bij dat intense leed van jou? Ik voel de schaamte, ik voel de rode blos op mijn wangen, dat ik zo egoïstisch was? Naar mijn eigen verdriet en zo ben ik je gaan zoeken? 1965 of 2018 dat is een groot verschil? Ik weet het? Ik hoorde je stem, ik voelde? Daar waar je lijden de grootste offer moest brengen en je roep? Bij vertrek? Je hebt me nog niet gevonden? Mama mijn kind is in nood? Ik moet gaan? Ik wil niet dat haar het zelfde overkomt? Dat begrijp je wel? En zo zwaaide je me uit? Met haar mijn Japanse half zusje? Ze lacht en is blij? Bij jou zie ik een traan? Over mij hebben we het maar niet meer, heel veel liefs je zoon!